Fragment uit Spookhuis:
Als Tommy om zich heen kijkt, ziet hij overal om zich heen hoge, oude bomen met takken als tentakels waartussen enorme spinnenwebben hangen. Er blaast een koude wind, die de bomen onheilspellend doet kraken.
(ACTIE: wind geluid maken en blazen in haren kids).
Brrrr, wat een griezelige plek, denkt Tommy. Snel staat hij op. Het lijkt of de takken direct tot leven komen en hem proberen te pakken. Wegwezen, denkt Tommy, anders is mijn avontuur in dit bos snel afgelopen! Dan ziet hij in de verte een gigantisch groot en eng huis. Zou dat het spookhuis zijn?
Hoewel hij best bang is, gaat hij er toch naartoe. Rond het huis is het mistig en alles aan het huis is kapot. De luiken hangen op half zeven en klapperen in de wind, de veranda (soort balkon op de begane grond) voor het huis is bedekt met spinnenwebben en de grote voordeur hangt scheef in zijn voegen.
Door de twee ramen op de eerste verdieping schijnt een zwak licht en het is net of het huis hem aankijkt. Plotseling hoort hij in de wind een krakerige stem. ‘Kom binnen.....’